De kroniek van Harm Smit

Er zijn meerdere versies van de kroniek (of opstel zoals opa het zelf noemde) in omloop. Er is de eerste handgeschreven tekst (die zou in het bezit zijn van de erfgenamen maar is vooralsnog onvindbaar). Zwier Holtland, echtgenoot van Trientje Smit, heeft met veel inspanning het moeilijk te ontcijferen handschrift van opa Smit in zijn mooie handschrift overgezet. Albert van Urk verzorgde middels die versie de eerste getypte tekst. Die tekst resulteerde in de digitale Schokker Erf versie. In ons bezit is een kopie (gemaakt door Onne Smit 19 januari 1976)  van de handgeschreven versie van Zwier Holtland.

De samenstelster van de Schokker Erf versie, Els van der Waag-Conijn, liet aanzienlijke delen van het opstel, vooral aangaande de familiegeschiedenis en godsdienstige beschouwingen weg. De ontbrekende delen zijn hieronder toegevoegd en daarmee is de complete kroniek digitaal beschikbaar.

Het geloof in Gods Voorzienigheid + Schoklands zwakheid

“Zowel in het wegspoelen als in het aanslibben, moeten wij zien de Hand van de Schepper, die met deze dingen Zijn doel heeft, tot bescherming van het leven of het welzijn van Zijn schepselen.”

Wandeling rond het eiland

“Wij gaan op een goede dag het eiland eens nader bezien. Het water is ook om het eiland tot zijn gewone stand teruggegaan. We wandelen eerst de haven eens langs. In gedachten bevinden we ons op het Noorderhoofd.”

Harm Smit beschrijft vervolgens zeer gedetailleerd wat hij ziet. Vanuit zijn geestesoog want hij is na vertrek niet meer op Schokland geweest. Met behulp van onderstaand plaatje is zijn beschrijving makkelijker te volgen:

Zie ook deze foto.

Schoklands kracht

Dat wij dit moeten missen!
Uitroep van “een van onze eerste mannen” bij het vooruitzicht dat Schokland geen eiland meer zal zijn. Die man zag op een mooie zomerdag op de Noorderhavendam bij langzaam toenemende middagkoelte het water aan de gezichtseinder veranderen van kleur.

Het leven op Schokland

“Wat een ellendig leven, daar op zo’n eiland”, hoorde ik een oud en naar ik dacht, ook wijs man zeggen. Nu jong ben ik ook al niet meer, en wijs? Maar toch zou ik met evenveel overtuiging durven zeggen: “wat een ellendig leven, daar in zo’n stad”.

De Familiegeschiedenis 1800 – 1854

“Maar man”, zegt moeder Betje, “de jongen heeft een zwakke borst. Als hij naar de mis gaat, heeft hij nog last van de wierookdamp. Ik heb er met heeroom al over gepraat om hem maar niet naar de kerk te sturen.”

Hendrik, gemeenteveldwachter op Urk

“Op een avond , toen het hem te machtig werd en hij, vertrouwend op zijn vaardigheid in het schermen, de jongens een hardhandige les wilde toedienen, had men een net voor zijn deur gespannen, ving hem daarin op en hij was de speelbal van de ergste belhamels.”

1868 – Hendrik verhuist naar Schokland

“Het was bijna november 1868 toen de nieuwe bewoners van Ens aankwamen. De winter van dat jaar was bijna vorstvrij en dagelijks waren er schippers op de rede. De vissers op spiering kwamen er in de eerste dagen der week hun vangst lossen aan de Amsterdamse opkopers die met hun koopbotters aan de palen van Ens lagen gemeerd.”

1875 – Na het overlijden van Hendrik

“Toen Lammert door zijn veranderde levenspositie zich met de geldelijke zaken van het gezin moest bezig houden, bleek er een tamelijk groot tekort te zijn. De oorzaak was gedeeltelijk te zoeken in de op Urk onder de familie van moeder Smit heersende mening “dat op Schokland te wonen betekende tot aan de ellebogen in het geld te tasten”.

Slechte tijden bij de buren

“Moeder en dochter werden door de heer des huizes respectievelijk beschuldigd van ongeoorloofde verhouding en bedriegerij.” Een shakespeareaans drama dat vele malen bij de warme kachel moet zijn verhaald door Lammert Smit, zijn zoon Harm toeluisterend met rode oortjes. De rol van Lammert blijft beperkt tot het tijdig opdrinken van een glaasje jenever.

Lammert en en Jantje + Slotwoord

“Tijdens haar verblijf (Jantje ten Napel) namen de golven de schuur bewest de woning weg en de brokstukken spoelden de haven in. De schapen en de beide varkens moesten binnenshuis gestald worden en twee nachten werden terwille van kustvuur en gevaar voor inventaris, wakend doorgebracht. Maar dit alles had geen invloed op de verhouding der beide jonge mensen.”

In het slotwoord een oproep tot een socialer pensioensysteem